Aankomend communicatiemedewerker


De Nijmeegse Kledingbank zit in een oude bedrijfshal. De automatische schuifdeur moet je even met de hand openduwen, maar binnen loopt verder alles op rolletjes. Dat is mede te danken aan Jolanda (39).

Jolanda heeft jarenlang gewerkt in administratieve en secretariële functies en woonde met haar man en twee kinderen in een koopwoning. Rond 2007 belandde Jolanda echter in een moeilijke periode. Nu is zij als vrijwilliger aan het werk bij de Kledingbank. Daarnaast volgt zij de mbo-opleiding Communicatie en Marketing, die ze eind 2016 hoopt af te ronden. Als het een beetje meezit, dan kan ze dan meteen aan het werk!

Meer dan een ton aan schulden…

Bijna tien jaar geleden ging het mis; Jolanda’s huwelijk liep op de klippen met een echtscheiding met verstrekkende consequenties als gevolg. Haar man had een bedrijf, dat failliet ging met een grote rest schuld. Uiteindelijk kwam meer dan een ton voor rekening van Jolanda…

Toen Jolanda en haar man uit elkaar waren had zij geen inkomsten en moest ze een bijstandsuitkering aanvragen (bij een gemeente in de buurt van Nijmegen). Dit duurde maar liefst zeven maanden; de gemeente begreep weinig van de situatie van Jolanda en haar ex en wilde het dossier eerst grondig doorspitten. Jolanda’s vader zorgde voor haar, maar zijn bijdrage was net voldoende om de eerste levensbehoeften van te kunnen betalen. De andere rekeningen bleven liggen. Een maand voordat de eerste betaling van de uitkering zou plaatsvinden, werden gas, water en elektriciteit afgesloten. Jolanda ging met haar kinderen naar haar vader en haar huis werd op een executieveiling verkocht.

Na een tijdje bij haar vader verbleven te hebben kon Jolanda een sociale huurwoning krijgen. Alle problemen eisten echter ook psychisch hun tol, Jolanda had een ‘flinke knauw gekregen’. Daardoor ging het niet lang goed in haar nieuwe woning, ze werd uit haar huis gezet en moest weer terug naar haar vader. Ook dit was niet vol te houden, waardoor ze in 2010 terecht kwam bij de crisisopvang.

Schuldsanering en bewindvoerders

Vanaf het moment dat Jolanda na de scheiding aan de bel trok bij de gemeente duurde het wel vijf jaar) voordat ze een definitieve regeling voor haar schulden kreeg. Haar ex-partner werkte alleen maar tegen, zowel de gemeente waar ze eerst woonde als de gemeente Nijmegen, kregen geen grip op hem. Bovendien was het niet duidelijk welke schulden er precies waren.

Na het treffen van de schuldenregeling volgden hele magere jaren voor Jolanda, maar inmiddels is zij gelukkig schuldenvrij. In deze periode heeft Jolanda met twee bewindvoerders te maken gehad. Met de beschermingsbewindvoerder — die ze zelf kon kiezen — heeft zij alleen maar goede ervaringen: “Zij denkt echt met je mee.” Zo werd er financiële ruimte vrijgemaakt om een deel van haar opleiding zelf te betalen. Anders is het verhaal met de bewindvoerder die toezicht hield op de uitvoering van de schuldsanering. Die communiceerde slecht (slechts één persoonlijk gesprek in al die jaren) en stelde zich vervelend op. Hij drong aan op intensiever zoeken naar werk, terwijl dat voor Jolanda niet mogelijk was, maar wilde daarover niet overleggen met haar huisarts. De rechter heeft Jolanda hierin steeds gelijk gegeven. “Hij pestte mensen,” zo kwalificeert Jolanda deze man.

Elke week kleding voor twintig mensen

En dan Jolanda’s reddingsboei: de Kledingbank. De Kledingbank draait inmiddels zo’n drie jaar. Wekelijks komen er ongeveer twintig mensen die op verwijzing van de Voedselbank kleding krijgen. Het gaat om alleenstaanden en gezinnen.

Jolanda doet de promotie voor de Kledingbank. Zo maakt ze flyers en promotiefilmpjes. Inmiddels is zij een van de meest ervaren krachten. Daarom is zij ook coördinator. Naast het werk bij de Kledingbank, volgt Jolanda een mbo-opleiding. Als ze daarmee klaar is, gaat ze in ieder geval op gesprek bij de RIBW (Regionale Instelling Beschermd Wonen), want ze wil daar communicatiemedewerker worden.

Jolanda heeft tot haar verdriet geen contact meer met haar kinderen, tieners nu. Ze wonen bij hun vader. Jolanda krijgt wel regelmatig een mailtje of een foto. Het is beter voor de kinderen zo vindt ook Jolanda: “Nu is er tenminste rust voor hen”. Jolanda woont inmiddels weer in een woning die op haar naam staat. De afgelopen jaren heeft zij, na de crisisopvang, eerst bij de RIBW intern en vervolgens in een woning op naam van de RIBW gewoond. Via de begeleiding van het RIBW is ze ook bij de Kledingbank terecht gekomen.

Naast het werk bij de Kledingbank en haar opleiding, doet Jolanda aan fitness, leest ze graag en gaat ze er af en toe op uit met haar schoonmoeder. Ook de RIBW en de huisarts zijn belangrijk voor haar netwerk en sociale contacten. Met haar eigen familie heeft ze weinig contact.

Een uitkering aanvragen is balen

Toen Jolanda een uitkering moest aanvragen, vond ze dat vreselijk. Nu alles redelijk goed geregeld is, heeft ze het echter geaccepteerd. In het begin waren er heel veel dingen onduidelijk en het regelen van de schulden kostte erg veel tijd. Dat is nu allemaal achter de rug en Jolanda heeft met haar opleiding uitzicht op het vinden van een baan in het komende jaar. Het contact met de gemeente en het WerkBedrijf loopt goed; in Nijmegen zijn de medewerkers ‘menselijk’. Ze vindt het wel vervelend dat ze elke maand een papieren formulier moet invullen en opsturen, ook als er niks in je situatie verandert.

Sinds een tijdje heeft Jolanda een nieuwe relatie. Ze willen graag samenwonen, maar de financiële consequenties daarvan zijn zo groot, dat ze daarmee wachten tot Jolanda weer een baan heeft. Wat het nu wel lastig maakt is dat Jolanda en haar partner niet zo maar bij elkaar mogen zijn. Is ze te vaak bij haar vriend dat wordt dat beschouwd als ‘samenwonen’, waardoor de uitkering beëindigd wordt. Jolanda let hier altijd goed op; ze is wel eens bang dat mensen van de gemeente staan te controleren, net als zij een extra avond bij haar partner zou willen blijven. Ze gaat dan toch maar terug naar haar eigen huis. Jolanda vindt dat deze strengheid wel ‘een tandje minder’ kan.

Financieel gaat het allemaal maar net: “Alleen van een uitkering leven? Nee, dat gaat echt niet”. Jolanda had een klein spaarpotje dat ze, ondanks de schuldsanering mocht behouden en zo kon ze haar opleiding deels zelf betalen. De inrichtingskosten van haar woning werden betaald vanuit de bijzondere bijstand. Omdat Jolanda al op het absolute minimum zat, hoefde ze dit niet terug te betalen. Het regelen van de bijzondere bijstand verliep goed. Door regelmatig bij haar partner te eten, hoeft Jolanda zelf minder uit te geven. Zou die partner er niet zijn, dan schieten haar eigen middelen eigenlijk net tekort voor de dagelijkse boodschappen en andere uitgaven. Ze komt net niet in aanmerking voor de Voedselbank terwijl het haar en anderen erg zou helpen als de Voedselbank meer mensen zou kunnen ondersteunen.

‘Eind goed al goed’, is wat te sterk uitgedrukt. Maar Jolanda heeft inmiddels weer perspectief en dat is buitengewoon waardevol.