Het draaiboek


Een half uur later dan afgesproken loop ik richting het huis van meneer en mevrouw Konings. Ik bel aan, in de veronderstelling dat het gesprek niet door zou gaan omdat de beleidsmedewerker er niet is. ‘Jawel hoor, ze zit hier al een half uur binnen!’ Zegt Anton.

Hulp vanuit de WMO
Eenmaal binnen zie ik Truus in een rolstoel. Wanneer ik me voorstel geeft ze aan dat praten lastig voor haar is, vandaar dat haar man Anton het woord zal doen. Wanneer we voorzien zijn van wat te drinken steekt meneer direct van wal. Anton haalt uit de hal een klapper met de naam van een organisatie die huishoudelijke ondersteuning biedt via de WMO. Ze krijgen twee uur huishoudelijke hulp per week. Mevrouw heeft een herseninfarct gehad dat grote lichamelijke gevolgen heeft. O.a. haar spraak is verslechterd en ze is in een rolstoel beland. Zelf heeft Anton een aantal jaren terug zijn rug gebroken, waarna hij te snel aan het werk is gegaan in de staalbouw, wat nu zijn tol eist. Ze geven beide aan ontevreden te zijn met de werknemers. Ze hebben weinig motivatie, en zijn het liefst zo snel mogelijk de deur uit. Ook over de keuzes en werkwijze van de organisatie zijn ze beide niet tevreden. Er worden verkeerde inschattingen gemaakt met het aantal uren dat nodig is om de huishoudelijke taken uit te voeren, en de communicatie verloopt slecht. ‘Die mensen die hierover beslissen hebben geloof ik nog nooit een huis van de binnen- en buitenkant gezien’. Zegt Anton.

Het draaiboek
Na het verhaal rond de huishoudelijke hulp vertelt Anton over de periode dat Truus een herseninfarct kreeg, en hoe veel impact dit op hun leven heeft gehad. Ik merk duidelijke frustratie als hij vertelt over de gang van zaken na haar herseninfarct. Anton oppert een idee: ‘Voor de naasten van degene die zoiets overkomt moet een draaiboek zijn. Je vrouw overkomt iets, wat heb ik allemaal nodig? waar moet ik heen?’ Truus had o.a. een bed nodig zodat ze op de begane grond kon slapen, ook had ze een stok nodig, een rolstoel en verschillende vormen van hulp. Het had Anton een hoop frustraties, tijd en moeite bespaard als er een draaiboek voor zo’n situatie zou zijn.

‘STIP werkt niet’
Zelf is hij van het kastje naar de muur gestuurd, zo zegt Anton. Hij vertelt ons over zijn ervaring met een STIP waar hij meermaals naartoe is gestuurd. ‘Zoiets als het STIP werkt niet, het STIP is een warboel en overbodig, ik kan ook direct naar de persoon toe gaan dat gaat veel sneller en is effectiever’. Ook duurt het allemaal veel te lang volgens Anton. ‘Als je 4 tussenpersonen hebt waarvan 1 schakel uitvalt dan weet je wat er gebeurt. Dan blijft het stil.’

‘Er valt nog een hoop te verbeteren’
Anton eindigt met een voorbeeld. ‘Let op, nu kunnen jullie lachen’ vertelt hij ons, terwijl zijn vrouw begint te grinniken. Anton vertelt ons dat hij geen vergoeding voor het taxivervoer naar het ziekenhuis voor zijn vrouw kreeg. Toen hij een aanvraag deed voor reiskostenvergoeding wanneer hij Truus naar het ziekenhuis moet brengen kreeg hij de reactie: ‘We vergoeden de reiskosten, maar dan moet u uw vrouw naar het ziekenhuis brengen met de auto en teruglopen. Wanneer zij weer opgehaald wil worden zal je weer te voet naar het ziekenhuis moeten en samen met Truus terugrijden.’

Kortom, er valt nog een hoop te verbeteren.

* De voornamen van cliënten zijn naar waarheid gebruikt, om privacy reden is de achternaam verzonnen.

Nijmegen, juli 2017

Auteur: Milou Lange